• Joost Baars

Dennis Cahill 1954-2022


Ik heb een fascinatie voor kunstenaars die met heel weinig heel veel kunnen doen. In de poëzie is Robert Creeley bijvoorbeeld zo iemand. Een van mijn lievelingsgedichten van hem gaat zo:


A piece One and one, two, three.

Ik zal u een diepgravende exegese van dit gedicht besparen, maar voor het beeld hier heel kort enkele leeswijzen waarmee je dit stukje tekst kunt benaderen. Is het een rekensom? Dan klopt hij tot de tweede regel, waarna de derde regel - en het woord 'drie', én het getal drie - in wezen als vanzelf, maar net niet logischerwijs, uit het voorafgaande voortkomt. Zoals de Heilige Geest uit de Vader en de Zoon. Zoals het kind uit de twee geliefden. Zelfs als er bij de kruidenier wordt geteld ('A piece' kan 'per stuk' betekenen), dan vindt er een soort van wonderbaarlijke vermenigvuldiging plaats. Kortom, is het een rekensom, dan gebeurt hier een wonder. Of is het een aftelrijmpje? Staat er niet 'Per stuk', maar 'Een stuk', en wordt er door een band afgeteld naar een muziekstuk? Dan roept het gedicht alles op wat erna komt. Zeker vanuit Creeley's door jazz beïnvloede poëtica is dat zo: vanaf het begin van het 'stuk' tot het einde ervan, is alles geoorloofd, is alles wat klinkt onderdeel van 'Een stuk'. Voor de lezer van deze tekst is dat dan ineens alles wat het geval is: de huiskamer waarin je leest, de stad waarin je woont, de wereld, jijzelf. Tegelijk is - terug naar de rekensom - de tekst een beschrijving van wat er gebeurt als muzikanten samenkomen om te spelen. Iemand doet iets - één - iemand doet ook iets - weer één, enzoverder. Dan reageren de muzikanten op elkaar, op elkaars enen: twee. En dan ineens is er muziek die geen van de muzikanten zelf speelt: drie.


Dat noem ik een wonder. Het is niet het gedicht zelf dat zingt, maar al het andere dat door het gedicht begint te zingen.


Dennis Cahill is dood. Hij was een muzikant - gitarist - die met héél weinig anderen héél erg kon laten zingen. Ik heb hem een aantal keren in mijn leven live gezien, maar pas toen ik hem in Ierland samen met de fiddle-god Martin Hayes zag in de mooiste club ter wereld - Róisin Dubh in Galway - kreeg ik echt door wat een geniale muzikant hij was. 'Speelt hij wel?' was iets wat de oppervlakkige luisteraar misschien kon denken bij concerten van het duo Hayes/Cahill. Het duo heeft de Ierse muziek opnieuw uitgevonden op een manier die verwant is aan hoe Reinbert de Leeuw ooit de muziek van Erik Satie opnieuw uitvond: door te vertragen, te verstillen. Zonder dat het gedragen werd, en het duo verloor ook nooit de dansbaarheid van de muziek uit het oog, al zou je bij hen het grootste gedeelte van de tijd misschien hooguit met je voet mee tikken, of zachtjes met je heupen wiegen.


Die avond in Róisin Dubh bestond het 'dansen' van het publiek voornamelijk uit ademtochten van verbazing en ontroering, die hoorbaar door de hele zaal gingen, uit een publiek dat iedere subtiele wending in de muziek op de voet volgde. Dat is Ierse muziek: melodieën op harmonische wendingen. Cahill zorgde voor die harmonische wendingen. Omdat Hayes zo'n geniale muzikant is - zo iemand voor wie je God op je blote knietjes mag danken dat je in dezelfde tijd mag leven als hij - is het eenvoudig om uit het oog te verliezen dat Cahill met zijn spel de volmaakte aangever voor Hayes was. Véél meer dan slechts de lijst, was hij het canvas waarop Hayes kon spelen. Ik durf te beweren dat met Cahill ook een deel van Hayes' kunstenaarschap is gestorven, dat Hayes nu niet alleen een vriend heeft verloren, maar ook voor een levensgroot poëticaal probleem staat.


Om van mijzelf nog maar te zwijgen. Want Cahill liet niet alleen Martin Hayes zingen, maar zoals Creeley met dat gedicht dat uit bijna niets bestaat, ook de hele schepping. Die ademtochten door het publiek? Het publiek denkt dat dat om Hayes gebeurt, maar het gebeurt om Hayes-In-Cahill. En meer nog, het gebeurt om publiek-in-Cahill. Je kunt een akkoord zo onmerkbaar spelen, dat niemand door heeft dat je een akkoord speelt, maar het akkoord tegelijk alles kleurt dat er ten tijde van het akkoord bestaat. Zo'n kunstenaar was Dennis Cahill.


Hij overleed onlangs. Hij was nog maar 68. Het is redelijk onverteerbaar te weten dat ik hem nooit meer zal kunnen horen spelen. Maar ik ben dankbaar voor het feit dat ik op zijn canvas heb mogen bestaan.


21 views0 comments

Recent Posts

See All